Lopend over het pad door de schaduw van het oude woud kom je uit op de Eikenstek, midden in het Wekeromse Zand. Deze open vlakte, waar geen schaduw meer bescherming biedt, is een eeuwenoude stuifzand-duin. De zandvlakte is inmiddels verboden terrein, hier is flora en fauna gehuisvest dat zich onberoerd moet kunnen ontwikkelen. Daarnaast is dit goudgele bedrieglijke stuifzand gevaarlijker dan velen weten. Het zand brandt als hete kolen in de zon of stuift guur over de vlakte met onmetelijke snelheiden.
Het zijn veelal kinderen die aangetrokken door het zand prooi worden van hun eigen nieuwsgierigheid. Onbesuisd bestormen ze het verboden gebied. Maar de stuifzand-duin is genadeloos, verbrande nekjes en overal stuifzand zelfs nog ‘s avonds in bed, zijn de stille getuigen van hun kinderlijke dwaasheid.
Aan de rand van deze misleidende duin tegenover het bankje, waar verhalen even kunnen rusten, ligt een zwerfsteen. Groot en somber rust deze steen geduldig op het zand, alsof hij uit een andere tijd is komen rollen. De steen herbergt een mystiek reliek. In deze steen steekt het schepje genaamd; Eldersch.
Eldersch is een klein rood schepje dat het middelpunt is van vele geruchten en verhalen. Zo denkt men dat degene die Eldersch uit de steen kan trekken een uitverkorene is. Uitverkoren om gewapend met het schepje de zandvlakte met al haar geheimen onbevreesd te betreden. Uitverkoren om met Eldersch het zand op te scheppen. Zand dat in goud zal veranderen, ongekende rijkdom ligt hen in het verschiet. Maar niemand, hoe sterk of vastberaden ook, is er nochtans in geslaagd Eldersch te bevrijden.Nee, Eldersch blijft onwrikbaar in de steen.
Wanneer de volle maan haar bleke gloed over de Eikenstek werpt komen minnaars samen, gedreven door hoop en een woest verlangen. Als hun lichamen zich verenigen op de koude steen is hun liefdesspel doordrenkt met het verlangen een kind te verwekken, een kind dat ooit Eldersch uit de steen zal bevrijden. Maar Eldersch blijft, onwrikbaar in de steen.
Net als de minnaars blijven ook stropers niet ver weg. In de bossage aan de rand van de duin, sluipend als roofdieren, loeren ze op wild dat zich over de duin beweegt. Veelal vangen ze moeflons die zich schichtig haasten over het verboden zand. De jagers geloven dat het eten van hun vlees hen de kracht zal geven om Eldersch te bevrijden. Maar Eldersch blijft, onwrikbaar in de steen.
Rovers loeren op de Eikenstek in de hoop een verdwaalde ziel te kunnen overvallen. Een ziel die in het holst van de nacht, vrij van aanmoediging en schaamte, Eldersch probeert te bevrijden. Helaas, ondanks de ingestelde avondklok blijven er slachtoffers vallen. En blijft Eldersch, onwrikbaar in de steen.
Boswachters betrappen vaak steenhouwers die bemand met hamer en beitel de steen rond het schepje willen vergruizen, het doen laten opgaan in het zand. De in beslag genomen beitels zijn veelal krom geslagen, omdat de steen onverwoestbaar blijkt. Dus Eldersch blijft, onwrikbaar in de steen.
Generaties lang voeden verhalen de dorpen rond de Eikenstek. Niemand, jong, oud, sterk of slim heeft ooit Eldersch weten te bevrijden. En toch, mensen die het schepje aanraken ervaren iets magisch. Ze zweren dat hun kwalen verdwijnen, dat hun wonden genezen. Deze mensen vinden juist dat Eldersch moet blijven.Onwrikbaar in de steen.
Ook zijn er dieren die zich aangetrokken voelen tot Eldersch. Als bij dageraad de dauw op het koude staal neerslaat, komen de zandhagedissen om zich aan het vocht te laven. Helaas zijn ze zo een gemakkelijke prooi, rond de steen vind je vaak hun afgeworpen staarten. Menig mens is al doorgedraaid omdat ze dachten dat het likken van deze hagedissen hen het inzicht zou geven hoe ze Eldersch uit de steen kunnen krijgen.Maar Eldersch blijft, onwrikbaar in de steen.
Niet ver van de Eikenstek is een camping ontstaan, een bedevaartsoord. Van heinde en ver komen mensen met campers, tenten en dromen van rijkdom of genezing. Deze aantrekkingskracht is velen fataal, mensen kunnen zich er niet meer toe zetten het gebied te verlaten de Eikenstek houd hen onverbiddelijk in haar greep.
Dus Eldersch blijft onwrikbaar in de steen, aan de rand van de duin, op de ongrijpbare plek genaamd de Eikenstek.